Frequenties
Frequenties zijn radiogolven, die zich in de ruimte voortplanten zonder dat daar een kabel voor nodig is. Deze golven hebben een frequentie tussen de 9 kiloHertz en 3000 GigaHertz. Afhankelijk van degolflengte en energie inhoud zijn er verschillende toepassingsmogelijkheden. Van oudsher worden frequenties gebruikt om bijvoorbeeld radio en televisie-programma's uit te zenden. Met de opkomst van nieuwe draadloze technologieën (zoals bijvoorbeeld UMTS voor mobiele telefonie en mobiel internet, en TDAB voor digitale omroep) zijn er steeds meer spelers op de markt die frequenties willen gebruiken. Frequenties zijn schaars, kennen geen grenzen en kunnen elkaar in de weg zitten (storing door interferentie). Daarom is afstemming op internationaal (ITU) en Europees niveau (CEPT) nodig. Binnen Nederland worden frequenties toegewezen volgens een vergunningstelsel, dat geregeld is in hoofdstuk 3 van de Telecommunicatiewet en onderliggende regelgeving. Aan de toewijzing ligt beleid ten grondslag dat te vinden is in het Nationaal Frequentieplan. Het eerste Nationaal Frequentieplan dateert uit 1999, momenteel geldt het Nationaal Frequentieplan 2005. In juli 2004 heeft de commissie Wolffensperger onderzoek gedaan naar het Nederlands frequentiebeleid en aanbevolen een nieuwe Nota Frequentiebeleid op te stellen. Het advies luidde om "de doelstellingen van het frequentiebeleid meer op economische groei en innovatie te richten en het frequentiebeleid inclusief de bijbehorende procedures te flexibiliseren". Deze nieuwe nota is in 2005 gepubliceerd. Laatste update: 23 november 2005
|